Midden in de nacht staan Mic Mac Jampudding en Arabella plots aan Jommekes deur. In hun schoorsteen hebben ze een oud perkament gevonden, maar niemand kan het lezen. Jommeke stuurt hen meteen door naar professor Gobelijn. Die stelt vast dat het in een oud Keltisch dialect geschreven is en kan het ontcijferen. Het document vertelt dat een voorvader van Jampudding zo’n vijf eeuwen geleden een van zijn zonen uitzond om in onbekende oorden een nieuw geslacht van Jampuddings te stichten. Jampudding is ervan overtuigd dat er ergens nog familie van hem moet leven en wil hen gaan zoeken. Jommeke, Flip en professor Gobelijn gaan mee. De professor heeft net een nieuw vliegend toestel uitgevonden — ideaal voor de reis. Vlak voor vertrek sluiten ook Filiberke en Pekkie zich aan. Tijdens de vlucht wordt Gobelijns toestel stevig op de proef gesteld: de motor valt uit, ze worden bijna neergeschoten door het leger, ze duiken in zee en schieten zelfs even de ruimte in. Uiteindelijk bereiken ze de Grote Oceaan. Ze vermoeden dat de verloren Jampuddings op een onbekend eiland wonen. Op twee eilanden vinden ze alleen apen, maar op het derde eiland hebben ze eindelijk geluk. Via een papegaai ontdekt Flip een lokale stam. De bewoners zijn zwart, maar de mannen dragen allemaal een grote rosse snor — precies zoals Mic Mac Jampudding. En ze heten bovendien allemaal ... Jampudding. In het dorp ontmoeten ze hun koning: een blanke man die als twee druppels water op Mic Mac Jampudding lijkt en dezelfde naam draagt. Tot ieders verbazing blijkt hij niet de afstammeling van de uitgezonden zoon te zijn, maar de zoon zelf. Na een schipbreuk belandde hij op het eiland, werd als een god vereerd en trouwde met de dochter van het stamhoofd. Zo ontstond het zwarte geslacht van de Jampuddings. Door het water van een bijzondere bron te drinken bleef hij in perfecte gezondheid — inmiddels al zo’n 500 jaar. Voor de andere eilandbewoners werkt het water niet. Jommeke en zijn vrienden blijven enkele maanden op het eiland, genieten van het leven tussen de Jampuddings en keren daarna huiswaarts, rijk aan verhalen.