Het land wordt geteisterd door een brutale dievenbende die telkens spoorloos verdwijnt: de Groene Maskers. De Miekes overtuigen Jommeke om op onderzoek te gaan. Op basis van hun werkgebied — en een beetje geluk — besluit Jommeke te zoeken in het dorpje Schapleure. Filiberke en Flip gaan mee. Professor Gobelijn geeft hen nog een flinke voorraad slaappillen mee, voor het geval dat. In Schapleure horen ze van de herbergier over het spookkasteel, een plek waar niemand nog durft komen. Jommeke vermoedt dat het kasteel wel eens het hoofdkwartier van de Groene Maskers kan zijn. Wanneer ze het kasteel binnendringen, worden ze al snel ontdekt door de bende. Een van de maskers blijkt Anatool te zijn, die de grootmeester aanraadt om de indringers meteen gevangen te nemen. Dat lukt. Maar Flip weet te ontsnappen en probeert Jommeke en Filiberke te bevrijden. Anatool ontdekt hem, maar wordt door de vrienden overmeesterd. Jommeke trekt Anatools uniform en masker aan en besluit eerst de grootmeester te pakken. Dat lukt — en daarna lokt hij de andere boeven in de val met de slaappillen van de professor. Toch slagen de grootmeester en Anatool erin te ontsnappen en Filiberke en Flip gevangen te nemen. Maar Jommeke heeft de politie al verwittigd. Die arriveert net op tijd en kan de grootmeester arresteren. Anatool glipt nog weg, maar de rest van de bende is opgerold. De Groene Maskers zijn verleden tijd.