Kapitein Jan Haring heeft een nieuw schip gekocht, een piratenschip uit 1748. Het krijgt dan ook de toepasselijke naam 'De Piraat'. Jommeke, Filiberke en de Miekes helpen hem met de reparatie en enkele weken later besluiten ze naar Amerika te varen om Madam Pepermunt op te zoeken. Ze komen Kwak en Boemel tegen, die besluiten dat ze in Europa geen toekomst meer hebben. Van een deur bouwen ze een geïmproviseerde boot en ze gaan de zee op, richting Amerika. Onderweg komen ze in een storm terecht. Later worden ze door Jan Harings schip opgepikt. Kwak en Boemel worden afgezet in de haven van New Orleans, waarna 'De Piraat' de Mississippi opvaart, richting Far West. Een maand later komen ze aan bij Madam Pepermunt. Die kan hun hulp net gebruiken voor een goudtransport — ze bezit immers een goudmijn. Jommeke en zijn vrienden helpen haar het goud naar een naburig stadje te brengen, waar een overheidsbedrijf het zal ophalen. Nadat ze eerst nog een bende bandieten verschalken, komen ze aan bij de bank van dat stadje. Daar komen ze Kwak en Boemel opnieuw tegen. Zij wonnen veel geld met de lotto en konden zo een bank openen. Het goud wordt er in bewaring gegeven en een tijd later vertrekken Jommeke en zijn vrienden weer naar huis. Ondertussen gaan de zaken slecht in de bank van Kwak en Boemel. Uit geldnood proberen ze valse dollars te drukken, maar dat mislukt. Dan kopen ze blokken lood, die ze beschilderen met een goudlaagje van een gesmolten goudblok van Madam Pepermunt. Die valse blokken leveren ze aan de overheid. Wanneer Jommeke weer thuis komt, hoort hij van zijn vader dat Madam Pepermunt in de gevangenis zit voor oplichterij. Onmiddellijk vertrekken Jommeke, Flip en Filiberke, terug naar Amerika, met de vliegende bol. Daar vinden ze de bank van Kwak en Boemel verlaten terug. Na een zoektocht komen ze aan bij een ranch - Kwak en Boemel zijn de eigenaars - waar ze blijven overnachten. Omdat Jommeke hen verdenkt van de oplichting, gaat de vrienden op onderzoek uit en vinden ze inderdaad de echte goudblokken van Madam Pepermunt. Vervolgens worden ze betrapt door Kwak en Boemel, die hen gevangen nemen. Ze kunnen echter ontsnappen en Kwak en Boemel in hun plaats opsluiten. Daarna brengen ze de blokken goud met de vliegende bol naar de sheriff. Die laat onmiddellijk Madam Pepermunt vrij. Ten slotte blijven ze nog een week op vakantie bij haar. Wanneer ze terug naar huis vliegen, zien ze nog Kwak en Boemel die opnieuw op een deur de oceaan oversteken.