Zonder deze twee elementen is een stripverhaal ondenkbaar.
Beeldplaatje
Hierin is de tekening ondergebracht met daarnaast (meestal) een aanvulling van tekst.
Tekstballon
Hier wordt een stukje van het verhaal neergeschreven. Tekstballonnen zijn in verschillende maten, modellen en afmetingen aanwezig binnen een verhaal. Ook de inhoud kan diverse vormen aannemen naargelang wat er in het beeldplaatje gebeurt. Zo heb je dialogen, straffe taal, uitdrukken van gevoelens, ...
Tekstvak
Hier wordt een korte situatieschets gegeven, een tijdstip of plaats aangegeven ...
De tekst wordt zeer beperkt gehouden. Soms krijgt zo een vak een aangepaste vorm zoals daar zijn een wolk, een perkament, schaduw erachter, ...
Losse tekst
Dit zijn zeer korte stukjes tekst of lettercombinaties in verband met uitroepen, geluiden van allerlei aard ...
Opeenvolging van beeldplaatjes (2, 3, 4 ...). Meestal 4 per pagina.
In een aantal albums is het formaat van de beeldplaatjes afwijkend, op sommige pagina's, van de rest. Tenzij anders vermeld gaat het om 1 beeldplaat per album.
Een L-vormig beeldplaatje, over een halve pagina, vinden we in de Albums:
'De kopermicroben' (Album: 205), 'Zoektocht naar Sorab '(Album: 217), 'Operatie Bonsai' (Album: 219) en 'Het probleem Gobelijn (Album: 304).
Bij een aantal herdrukken in kleur zijn volledige pagina's, uitgewerkt in 1 beeldplaat, toegevoegd teneinde de albums aan de vereiste 48 pagina's te laten komen.
Wat de hele reeks verhalen van Jommeke betreft is nog enig telwerk verricht. Zo is er toch wel een duizelingwekkend aantal beeldplaatjes getekend en is een zeker zo gigantisch aantal tekstballonnen en tekstvakken vol geschreven met daarnaast de niet te vergeten hoeveelheid losse tekst (uitroepen, kreten ...).
Aantal beeldplaatjes ↣ 152 883.
Aantal tekstballonnen ↣ 181 773.
Aantal tekstvakken + losse tekst ↣ 18 938.